22 maart 2011

In het (gekraakte) huis van Saif Khadafi

Je zou er bijna aan voorbij lopen. In dit deel van welgesteld Noord Londen is een riante, bakstenen optrek met acht slaapkamers niks opmerkelijks. Maar wat dit huis wel heeft en de anderen niet, is een spandoek op het dak met het portret van de Libische leider en 'Out Of Libya, Out Of London'.

Een groep die zichzelf Topple the Tyrants noemt , kraakte het huis 'uit solidariteit met de Arabische revolutie'. Het wordt nu bewoond door Libiers. Een paar krakers, ervaringsdeskundigen, hangen rond als adviseur. 'Wij kennen de kraakwet, zij niet'. Eerder had een revolutionaire subcommissie er een kwartiertje over gedaan voordat ze besloten had Dutch Radio de volgende avond een rondleiding te geven. 'Is de politie al geweest?' 'Kunnen we niet zeggen'. 'Met hoeveel zijn jullie hier'. 'We geven geen aantallen'. 'Waarom moest ik door het raam naar binnen?' 'Veiligheidsmaatregelen'.

We drinken thee uit het beste porselein van Saif al-Islam Khadafi. De voorkamer heeft twee roze bankstellen. Het is het enige kleurrijke aan dit grote, onpersoonlijke huis. Verder is het, zegt een Libier, 'zoals je van een huis verwacht waar £ 10 miljoen bloedgeld in zit'. De inrichting bevestigt dat goede smaak niet noodzakelijk in het verlengde ligt van een gigantisch, persoonlijk vermogen. De benedenverdieping is een veelvoud van glazen tafels, zilveren lampen en witte bankstellen en muren. Alles glanst en blinkt als een controleruimte uit Star Wars. De kasten, op die in de keuken na, zijn leeg. Saif liet zijn persoonlijke bezittingen enkele maanden geleden weghalen toen hij het huis te koop zette voor 12 en een half miljoen euro. Waarna iemand de krakers tipte dat het leeg stond.

'Eerst waren we door het dolle heen dat we het gekraakt haden', zegt Oz. 'Toen kwamen de Libiers en zij waren even enthousiast. Maar sinds ze berichten van thuis begonnen te ontvangen en de beelden op t.v. zien, is de stemming omgeslagen. Het is vreselijk wat ze doormaken'.

De bovenverdiepingen zijn verboden terrein, zegt Oz die de rondleiding doet. De slaapkamers liggen vol rustende aktivisten 'die net uit Libie zijn aangekomen'. Het souterrain kan hij wel laten zien. Oz meent, maar is niet deskundig op het gebied van binnenhuisarchitectuur, dat vloeren en trappen van marmer zijn. Het ergste is dat ze wit zijn 'en iedere dag gedweild moeten worden'. Of bijna iedere dag, zo te zien. Wat in de makelaarsbrochure het 'entertainment centre' heet, blijkt te bestaan uit een jacuzzi, overdekt zwembad, half verbouwde sportzaal en een bioscoop. De laatste is van onder tot boven behangen met donkerbruin suede. Op de grond zachte, hoogpolige vloerbedekking in dezelfde kleur. In een aanpalende ruimte is een kraker doende de was uit de machine te halen.

Een stuk of vier mannen zijn in de enorme, moderne keuken in de weer met pannen en schotels voor de avondmaaltijd. Op roepafstand, in de andere hoek, kijken landgenoten op de onvermijdelijke, witte leren bank naar het nieuws. De luxe inriching noch de faciliteiten zijn aan de bewoners besteed. Wat wel gewaardeerd wordt zijn de grote, plattebuisschermen die in praktisch iedere ruimte hangen. De Libiers hebben ze allemaal afgestemd op Al Jazeera.

20 februari 2011

Anna Nicole de opera

Ik heb niks met opera. Behalve dat het appeleert aan mijn innerlijke filistijn. Die overdreven gebaren, de lange uithalen en vooral het tig keer herhalen van alles. Terwijl we het, ondanks de taal, de eerste keer al door hadden. O ja, de taal. Antiek, statisch en zelden sporend met wat er op toneel gebeurt. Als je dood ligt te gaan dan ga je daar niet in een aria over uitweiden. Dat suggereert n.l. dat het allemaal wel meevalt. Zoals mijn schoonmoeder zou zeggen: als je zingt dan ben je beter. En zoals mijn innerlijke filistijn zegt, als het niet meer geloofwaardig is, mag je afhaken.

Maar een opera over Anna Nicole Smith, dat blonde, Amerikaanse Playboymodel dat een hoogbejaarde miljardair huwde en een paar jaar geleden in een weelderige hotelkamer in Florida stierf aan een drugsoverdosis? Die wil ik zien. Als het gratis is, tenminste. En dat is ie, dankzij mijn perskaart. En als hoofdrolspeelster Eva-Maria Westbroek hem kan aanbevelen. En dat doet ze.

Smith, stoeipoes extraordinaire, paaldanste zich een weg uit haar stoffige geboorteplaats, met behulp van borstimplantaten. Haar ambitie was een tweede Marilyn Monroe te zijn. Niet gehinderd door enig talent was ze de ideale celeb. Smith vulde haar leven met eten en shoppen. Toen haar 89-jarige echtgenoot een jaar na hun huwelijk zijn plicht deed en overleed, woonde ze de begrafenis bij in een witte, rugloze jurk met een keffend hondje onder een arm. Ze was verslaafd aan publiciteit en aan de drugs en medicijnen die haar het leven kostten. En wij, lezers van schandaalbladen en kijkers naar haar tenenkrommende t.v.optredens, waren verslingerd aan haar.

Het leven van Smith is, zegt Westbroek, in de kleedkamer van de statige Royal Opera House in Covent Garden, een verhaal van onze tijd. 'Het snijdt fundamentele kwesties aan, zoals roem en voyeurisme. Smith leefde the American dream. Ze maakte zich mooi en trouwde een rijke man, maar ze werd enorm verguisd. Eigenlijk heel tragisch'.

Het is een week voor de premiere. Onze beroemdste vaderlandse sopraan zit met rood, bezweet gezicht op een kruk bij de piano. Ze is net terug van de zoveelste repetitie. Dit, de rol van Anna Nicole, is de meest enerverende en veeleisende die ze ooit gedaan heeft. Op de make-up tafel voor de spiegels liggen twee zwarte, valse wimpers aandacht te trekken. 'Het is geweldig om te doen', zegt ze van Anna Nicole. 'Vooral de eerste akte. Als we die gedaan hebben is iedereen vrolijk, willen we 's avonds gezellig samen uit eten, terwijl na de tweede aktie iedereen zelfmoord wil plegen'.

Eva-Maria Westbroek is alles wat Anna Nicole Smith niet was. Ze is een hele on -diva-achtige diva. In een wereld van vedettes en vetes is Westbroek uitgesproken collegiaal. Ze is ongekuntsteld en in spijkerbroek en zwarte trui, het stereotype van de vlotte, Hollandse meid. Als een zangeres later op de gang in het voorbijgaan roept dat 'iedereen hier gek is op Eva', geloof je het meteen.

De opera is bij tijd en wijlen, hilarisch, soms irritant, maar altijd onderhoudend. Ik heb hardop gelachen om coupletten bomvol alliteraties en taal van de straat. Sopraan: 'fuck you'. Alt: 'fuck you back'. Klopt. De stijl doet denken aan Jerry Springer: the opera. Westbroek huppelt, host en glijdt over het toneel in hotpaints, een corset en blote jurken. Er is praktisch geen scene waar ze niet in zit. Maar emotioneel, nu u er toch om vraagt, deed het me niet veel. Ik vond het niet eens erg dat Anna Nicole overleed.

Is het 'de onwaarschijnlijke triomf', volgens sommigen, voor Covent Garden? Geen idee. Ik ben geen operarecensent. Sterker, ik heb helemaal niks met opera.
















21 januari 2011

No fucking royalty

Het is met de voorzitter van het Lagerhuis een beetje zoals met Ringo Starr. Eens gevraagd of Starr de beste drummer ter wereld was, zei John Lennon: 'Hij is niet eens de beste drummer in The Beatles'. Speaker John Bercow ligt slecht in de Britse tweede kamer; maar in zijn eigen Conservatieve partij kunnen ze zijn bloed wel drinken. Nu wil ook de Britse parlementaire traditie dat de voorzitter boven de partijen staat. Maar Bercow zou er zo ver boven staan dat hij God kan aanraken. De speaker, zeggen de Tories, is arrogant en schijnhelig. Wat evenmin helpt is dat hij zijn baan te danken heeft aan Labour. Het zou verklaren waarom Bercow groffer is tegen Toryparlementariers dan tegen Labourkamerleden.

Enfin. Bercows stijl ergerde steeds meer mensen en vorige week liep het uit de hand. Mark Pritchard, een Conservatieve politicus en algemeen omschreven als zachtaardig (op dezelfde manier dat seriemoordenaars zachtaardig genoemd worden door de buren, nadat de politie de lijken uit de tuin heeft opgegraven) liep de voorzitter in de weg. Nou valt het niet mee om de speaker voor de voeten te lopen als hij op weg is naar de debating chamber; een proces dat dagelijks voltrokken wordt met alle 19de eeuwse nepceremonieel dat het paleis van Westminster daarvoor in huis heeft. Maar Pritchard zou de voortgang van de stoet gehinderd hebben. 'De hoffelijkheidsregels van dit parlement gebieden dat honourable members pas op de plaats maken als de voorzitter voorbijkomt', zei Bercow. En hij wees met uitgestrekte vinger naar Pritchard zodat iedereen wist dat hij het niet tegen de muren had. Waarop Pritchard (volgens een columnist zo'n bescheiden man 'dat zijn vrouw en kinderen niet eens weten wie hij is') riep: 'You are not fucking royalty, Mr Speaker'.

Sindsdien is het crisis. In ieder geval bij de parlementaire verslaggevers die huilen in hun columns dat humor en charme uit het parlement en trouwens uit het hele openbare Britse leven verdwenen zijn. En gelukkig maar, zou ik zeggen. Schrap de sirs en de madams, vergeet de right honourable ladies (en gentlemen), sta het parlement toe termen als leugenaar te gebruiken en je zult zien hoe dicht de Britse volksvertegenwoordigers plots bij hun kiezers staan.

30 november 2010

Problemen van een koninklijke bruiloft. Deel 1

Hoe meer ik erover hoor, des te banger ik ben dat het niks gaat worden. We hebben het over De Bruiloft. Prins William heeft graaf Spencer gevraagd om ergens tijdens de ceremonie te spreken. Dat is dezelfde graaf die zo fabuleus tekeer ging in Westminster Abbey, tijdens de begrafenis van zijn zus 'prinses van het volk' Diana. Het was toen een en al hel en verdoemenis. De Windsors waren gevaarlijke gekken, de pers moordenaars. Gelukkig was hij er om ervoor te zorgen dat haar zonen, 'bloedfamilie', opgroeiden tot echte mensen. Ik parafraseer, maar het was prachtig. Hij sprak recht uit het gewonde broederhart. Follow-ups zijn zelden succesvol. Als ik graaf Spencer was zou ik van een bruilofsttoespraak afzien. De geest van de heilige Diana is bovendien al ruimschoots vertegenwoordigd. De aanstaande bruid hoeft maar naar ringvinger te kijken om herinnerd te worden aan een prinses wier status van heilige zij nog maar moet zien te bereiken.

En over uitnodigingen gesproken. Er gaan 100 toegangskaarten voor de huwelijkse voltrekking in de Abbey, verdeeld worden onder het volk. En, het is mogelijk, stel dat ik er een krijg, wat dan? Het houdt me danig bezig. Kan ik nee zeggen als wanhopige Amerikanen me de helft van Nevada bieden in ruil voor mijn uitnodiging? Of als een schandaalblad met een royale cheque komt? Want het is niet ondenkbaar. En wat zeg je dan tegen de organisatoren? Dat je al naar een andere bruiloft moet? Dat je net die dag je haar moet wassen?

Het is zo belangrijk wie je uitnodigt voor je Special Day. Want trouwen, zei laatst iemand in East-Enders, is iets heel bijzonders. Dat doe je hooguit twee, drie keer in je leven.