3 maart 2016

Liever vuil dan Clean For The Queen

Wat geef je een vrouw die alles heeft voor haar negentigste verjaardag? Een schoon land, natuurlijk! Als het aan de bedaagde, welbespraakte leden van Keep Britain Tidy en Country Life Magazine ligt, gaan een miljoen Britten dit weekeinde in het hele land winkelwagentjes uit kanalen vissen, matrassen uit voortuinen halen en heggen bevrijden van plastic tasjes. Tegen de tijd dat het Britse staatshoofd op 21 april jarig is, moet je van de M25 kunnen eten.

Afval is een probleem, vinden de Britten. 90% vindt het zelfs een ‘enorm probleem’. 
De website van Clean For The Queen spreekt van een green and pleasant land, bedolven onder ‘voedselverpakking, plastic flessen, afhaalmaaltijden en sigarettenpeuken die onze natuur, straten, platteland en gevoel van trots aantasten. Hoe beter onze dankbaarheid aan Hare Majesteit te betuigen, dan ons land schoon te maken?’  

De initiatiefnemers gaan ervan uit dat de vorstin zich ergert aan de twee en een half miljoen stuks afval die per dag worden weggegooid. Maar wie zegt dat ze zich daar zelfs maar van bewust is? Als er iemand een vertekend beeld moet hebben van de hygiënische staat van haar land, is dat Elizabeth. Overal waar ze komt zijn blinken de stoepen en ruikt het naar verf. Het is zelfs niet ondenkbaar dat het staatshoofd gelooft dat er planten in Britse toiletten groeien, zo hardnekkig  zou de gewoonte van haar gastheren zijn om voor haar bezoeken in de regio een pot azalea’s in w.c.bakken te zetten.

Indicaties zijn dat de organisatoren van de opruimcampagne het enthousiasme van de onderdanen om hun staatsvrouwe een schoon land te geven, enigszins overschat hebben. Zeker, Clean For The Queen trendde al gauw op twitter maar om de verkeerde redenen. ‘Schoonmaken voor de queen?’, was een vrij typische reactie, ‘de middeleeuwen zijn voorbij, wij zijn geen horigen’. En: ’We doen er beter aan onze democratie schoon te vegen’. 


De digitale tegenwind heeft de initiatiefnemers enkel sterker gemotiveerd. Volksvertegenwoordigers zijn geronseld over de brug te komen met een ‘nieuwe straf voor afval aso’s’. De wegwerpboete zal worden verdubbeld tot € 210 euro. Tegelijkertijd roept de campagne Britten op om ‘mensen die vuilnis weggooien daarop aan te spreken’. Dat kan best eng zijn, erkent de website. Het advies is om teksten als ‘oi mate, oprapen die troep’, achterwege te laten en te doen alsof de overtreder een vergissing begaan heeft en per ongeluk de kauwgom uit zijn mond heeft laten vallen. In cynischer delen van het land was de verontwaardiging voelbaar. ‘Wat?’, reageerde een onderdaan. ‘Moeten we elkaar er nu ook nog bijlappen?’  De verwaaide chipszakken en koffiebekers die het VK zo herkenbaar maken, zullen voorlopig wel blijven liggen.

16 februari 2016

Wel of niet in de EU blijven? De Britten zijn niet geïnteresseerd.




Er bestaat een kans, volgens de peilingen zelfs een grote, dat het VK over zes maanden gaat beginnen zich los te maken uit de EU. Een ingewikkeld proces dat jaren zal duren. De beslissing in de EU te blijven of uit te treden, is de belangrijkste die de Britten zullen maken sinds ze in 1975 voor toetreding tot de Europese Gemeenschap stemden. Of sinds, volgens sommigen, de Engelsen zich voor het laatst van een vreemde bezetter bevrijdden na de invasie van Fishguard van 1797.

Bepalend of niet, het referendum, dat mogelijk al in juni gehouden wordt, houdt de Britten nauwelijks bezig. Het blijft bij vrienden thuis, in de metro of in het café als gespreksonderwerp onaangeroerd. De Britten waren nooit geïnteresseerd in de EU. ’Europa’ was altijd een obsessie van een kleine groep, meest conservatieve  politici en een nog kleinere groep excentrieke persbaronnen. Tien jaar geleden zei David Cameron dat hij een einde wilde aan ‘het eeuwig gezeur over Europa’ binnen zijn partij. Maar toen bij de Tories paniek uitbrak over de stijgende populariteit van de Eurosceptische Ukip partij, liet hij zich verleiden een referendum uit te schrijven over in blijven of uittreden. De angst voor Ukip bleek later ongegrond, maar toen was het te laat. Cameron had de volksstemming beloofd. Niet uit landsbelang, maar uit partijbelang.

Het referendum moest de burgeroorlog in de Conservatieve Partij smoren, tenminste tot het moment waarop de regeringsleider in triomf met een nieuw akkoord voor het Britse bestaansrecht in de EU, naar huis zou reizen (vermoedelijk vrijdag). Want laten we duidelijk zijn: de nieuwe deal die Cameron bezig is uit de lidstaten te persen gaat niet over echt dwingende zaken als hervorming van de EU, vluchtelingen, of de Eurozone, het gaat over unieke Britse zorgen. Voor Londen, dat alles door de koker ziet van eigenbelang, is al het andere nauwelijks relevant. In het akkoord zal Brussel beloven Londen niet lastig te vallen met plannen voor verdere integratie. De Britten mogen ook de rem zetten op uitkeringen voor migranten. Die wijzigingen moeten, is de gok, de kiezers overtuigen bij de EU te blijven. 


Het risico dat Cameron neemt met de toekomst van het VK is adembenemend. Zijn eigen positie is duidelijk. De Britse regeringsleider wil de plaats aan de tafel waar de afspraken gemaakt worden van ’s werelds grootste handelszone, niet opgeven. Mocht dat toch gebeuren, dan heeft hij het helemaal aan zichzelf te wijten. 

2 december 2015

Erbij horen



Het Britse parlement beslist vanavond mee te doen met luchtaanvallen op IS-doelen in Syrië. Niet dat Londen een plan heeft voor hoe Syrië eruit moet zien na IS. Er is ook geen militaire strategie hoe de end-game te bereiken. De Britten doen mee omdat, zoals premier Cameron zei na de aanslagen in Parijs, ‘we niet langer aan de zijlijn kunnen blijven staan’. ‘Onze bondgenoten vragen zich af, als we nu niet meedoen, wanneer dan wel’. Anders gezegd, Londen doet mee omdat Washington het verwacht. Het bombarderen van Syrië is een zaak van power, prestige en gezichtsverlies. De Britten gaan oorlog voeren omdat ze niet buitengesloten willen worden. Hun belangrijkste drijfveer is de angst het jongetje op de speelplaats te zijn waar niemand mee wil spelen.

Militair gezien zullen de Britten weinig toevoegen aan een coalitie die al uit 65 landen bestaat. Zeker, de Brimstone, een raket die veel preciezer is dan ieder ander wapen in het Franse of Amerikaanse arsenaal, is nuttig. Maar hij is niet doorslaggevend. Gevraagd wat voor verschil Britse deelname zal hebben aan de luchtoorlog, zei oud majoor generaal Jonathan Shaw nuchter: ’niet veel’. De Britse deelname zal zich beperken tot luchtaanvallen. Het leger zal zeker niet worden ingezet. Cameron heeft ‘Britse laarzen aan de grond’ uitgesloten. De vaste kamercommissie van buitenlandse zaken wilde kortgeleden weten ‘welke grondtroepen de ingenomen regio’s in Syrië gaan bewaken en besturen?’. Het antwoord was ‘een plaatselijke, gematigde oppositiemacht’ van 70.000. Het overtuigde niet omdat de milities in kwestie om te beginnen geen eenheid zijn en vaak ook niet gematigd.

Oorlog is politiek met andere middelen, zei de Pruisische strateeg Carl von Clausewitz. Oorlog is geen onnatuurlijke reflex voor het Verenigd Koninkrijk. De notie van luchtaanvallen op Syrië zijn, zoals de Amerikanen zeggen, ‘een déjà vu all over again’. Voordat IS het doel was, had Londen het gemunt op al Qaeda en op de Taleban, op kolonel Khadaffi en Saddam Hoessein. In Libië ging het, in de woorden van Cameron destijds, ‘om het redden van mensenlevens’, te weten die van de burgers in Benghazi. Vier jaar later is Libië een mislukte staat aan de Middellandse Zee van waaruit IS en andere islamitische militanten hun jihad exporteren. Van de invasie van Irak in 2003 leerden Britse en andere westerse politici hun legers thuis te houden. Ze leerden niet om af te zien van inmenging. 


Groot Brittannië zou een rol van betekenis kunnen spelen in Syrië. Er is een historische band met de regio en bekendheid met het Syrische leger. ‘Het VK kan een visie ontwikkelen voor hoe je plaatselijke strijders mobiliseert en opleidt om IS te verslaan’, zegt Hassan Hassan, een Syrië deskundige van de denktank Chatham House. Het overhalen van Soenie rebellen om zowel IS als Assad te bestrijden is, zegt Hassan, op den duur de sleutel tot succes. Maar dat vereist politieke wil en een nieuwe, eigen visie. Een die verder reikt dan mee willen doen met de anderen.

1 november 2015

Tip voor Andrew Lloyd Webber



Elders in Europa hebben ze democratieën met gekozen volksvertegenwoordigers. In het VK beslissen musicalschrijvers en miljonairs over leven en welzijn van minimumloners. 

Alsof iemand eraan twijfelde, hebben de Britten opnieuw bevestigd waarom zij het patent hebben op politieke satire. Het Hogerhuis stemde vorige week voor nieuwe bezuinigingen. De belastingkredieten van ‘s lands laagstbetaalde werkers moesten omlaag. En dus snelden de lords en ladies naar de gotische senaat aan de Theems, om daar hun democratische plicht te doen. Senator Andrew Lloyd Webber kwam overgevlogen uit New York. Het scheelde dat hij toch in Londen moest zijn voor de heropening van zijn musical Cats. Lloyd Webber, die voor het laatst meedeed aan een Hogerhuisdebat in 2013, stemde voor de bezuinigingsmaatregel. Evenals tientallen andere miljonairs die hun hermelijn en titel aan premier Cameron of diens voorgangers te danken hebben. Maar het waren er niet genoeg. Lloyd Webber en de zijnen moesten het afleggen tegen de progressieven. Tegen mensen als de negende graaf van Clancarty (als in: negende generatie van zijn familie die zich graaf mag noemen) en burggraaf Chandon of Aldershot. Dankzij hen blijven drie miljoen Britse gezinnen de gang naar de voedselbank voorlopig bespaard. Noblesse oblige. 

Natuurlijk is premier Cameron woedend. Hoe durven senatoren, benoemd voor het leven, de vloer aan te vegen met het Lagerhuis waar gekozen parlementariërs de bezuinigingsvoorstellen goedgekeurd hebben? Meerdere keren, zelfs. Dit mag niet weer gebeuren, donderde de premier. De Lords moesten een kopje kleiner. Even tilde Cameron het Britse electoraat dat zijn senaat beschouwt als antiek, gedateerd en onbekwaam uit zijn impasse. Zou de regeringsleider de titels gaan schrappen? Partijdonors uit de senaat weren? Maar nee, de koehandel in titels zal blijven. De Britse regeringsleider heeft geen enkele ambitie het hogerhuis te hervormen. Hij heeft enkel een maat gevraagd, Lord Strathclyde (roepnaam Thomas Calloway Dunlop du Roy de Blicquy Galbraith) de constitutionele verhouding tussen de twee kamers ‘tegen het licht te houden’. 


Een optie voor Cameron is de senaat te overspoelen met nog meer Conservatief gezinden. Geen geringe opgave, overigens. Het Hogerhuis is met 840 leden de grootste vertegenwoordiging ter wereld, op de Chinese na. Het is met zijn titels en ceremonies, vooringenomenheid en schandalen, de politieke variant van Downton Abbey. En over internationale hits gesproken. Waarom moet Lloyd Webber eigenlijk terugvallen op Cats, waarom blijft hij niet dichter bij huis? Weinig plekken waar de ingrediënten voor een succesvolle, satirische spektakelshow zo voor het oprapen liggen als in zijn politieke onderkomen.