4 juni 2016

Brexit? Het ligt allemaal aan WO II




Als het VK op 23 juni besluit de Europese deur achter zich terug te trekken, dan ligt dat voor een groot deel aan de tweede wereldoorlog. Of liever, aan de Britse obsessie daarmee. Hoe de gebeurtenissen van 1939 - 1945 het landelijk denken bepalen, werd me voor het eerst duidelijk tijdens een uitzending van een regionaal, Brits TV programma. Het onderwerp was ‘Europa’, waar in dit geval, zoals zo vaak, de EU mee bedoeld werd. Ik was de enige Europeaan op het podium en waarschijnlijk ook in de zaal, waar een mevrouw de microfoon had opgeëist om me (retorisch) te vragen hoe het VK zich kon identificeren met landen die, als ze niet met Hitler geheuld hadden, door zijn leger onder de voet waren gelopen. We probeerden in 1940 wel degelijk de invasie te stoppen, pruttelde ik, totdat de Duitsers dreigden Amsterdam in de as te leggen. ‘So?’, zei de vrouw. Nou en? En daar was alles mee gezegd. 

Dit gebeurde ergens in de jaren tachtig. Ik woonde nog maar kort in Londen en had niet door dat de witte vlag hijsen teneinde je schitterende hoofdstad te sparen, voor de Brit geen excuus is. Had Winston Churchill niet laten zien dat terugvechten geen kwestie was van militaire krachtmeting, maar van principe? En wij, slappe zeikers, waren binnen een week gezwicht. 

Don’t mention the war? Als je de Britten de kans geeft, hebben ze het nergens anders over. De tweede wereldoorlog was hun finest hour. Het zou tevens de verschillen tussen het VK en het continent opnieuw definiëren. En zo bepalend dat ze 72 jaar goed bleven. De Europese Gemeenschap was de oplossing voor een continent dat conflict wilde begraven met coordinatie. Het afstaan van soevereiniteit was hiervoor een kleine prijs. Voor Britten was Europese toenadering het antwoord op een probleem dat ze niet hadden. Dus waarom hun soevereiniteit delen?

De Britten zijn niet anti-Europees of anti buitenlands. Ik woon in de meest diverse hoofdstad ter wereld. De tweede taal in Engeland is Pools. De Indiase curry is het nationaal gerecht. En met bijna een half miljoen Fransen, is Londen de vijfde grootste Franse stad. Er zijn weinig andere Europese landen waar buitenlandse invloeden zo makkelijk geabsorbeerd worden. Toen ik er kwam wonen was Londen de hoofdstad van Groot Brittannie, nu is ze van iedereen. Maar wat de Britten niet hebben is een gedeelde Europese identiteit. Het verklaart de totale onverschilligheid jegens de gevolgen van uittreding voor het vasteland. 

Britse politiek en cultuur zijn doordrenkt van een nostalgisch verlangen. ’We hebben meer gemeen met mensen in India en Australië dan met Duitsers en Fransen’, zei de vrouw in dat TV programma ook nog. De Britten waren nooit volwaardig lid van Team Europa. Ze waren de veeleisende, lastige, stampvoetende diva. Het was altijd zij en wij. 

De tweede wereldoorlog is overal. Van de 800 boeken die jaarlijks over Hitler geschreven worden, komt 80% uit Engeland. In geschiedenislessen op school domineren de wereldoorlogen. De periode 1939-1945 inspireert videospellen, opera’s, t.v. series en stripverhalen. Zeg ‘Duitsland’ tegen een Brit en er zal geen Angela Merkel, maar een swastika op zijn netvlies verschijnen. Ieder etmaal doemt er ergens wel een verhaal over WOII op. En vooral over het feit dat de Britten hem wonnen; een historisch gegeven waar voortdurend bij stilgestaan moet worden. In 2015 alleen al werden de bevrijding van Auschwitz herdacht, VE Day, de dood van Winston Churchill en de Hardest Day, waarbij Spitfires over Kent vlogen ter herdenking van iets waar eigenlijk niemand van gehoord had. De tweede wereldoorlog is een gebeurtenis die weinig zich meer herinneren, maar die bepaalt hoe Britten de wereld zien. En vooral de EU.


Zo erg is het toch niet, zei mijn Britse echtgenoot kort geleden aan het ontbijt, toen de obsessie met het verleden weer eens ter sprake kwam. Ik hoefde enkel triomfantelijk te wijzen naar de stapel recensies van de jongste Britse film, ‘Dad’s Army’ (‘Daar komen de schutters’). Want zo erg is het namelijk wel.

10 mei 2016

Boaty MacBoatface bedreigt Britse democratie



Heeft de Britse democratie nog wel bestaansrecht? Duizenden namen vorige week de moeite hun stem uit te brengen, om uiteindelijk toe te zien hoe hun wil door een arrogante élite genegeerd werd. De uitslagen voor verkiezingen voor een nieuwe burgemeester van Londen, een nieuw bestuur in Schotland en honderden gemeenteraadszetels in Engeland werden gerespecteerd, maar misschien wel de belangrijkste uiting van populaire voorkeur, werd de nek omgedraaid.

Een nieuw laboratoriumschip dat de Noord- en Zuidpoolse wateren gaat onderzoeken, zal namelijk niet de naam Boaty McBoatface krijgen, zoals een overweldigende meerderheid wilde, maar gaat David Attenborough heten. En David Attenborough, naar de wetenschapper achter talloze natuurdocumentaires, kwam niet eens tweede. In een vlaag van verstandsverbijstering of democratische geestdrift, had de Natural Environment Research Council (NERC) besloten het publiek te vragen een ‘inspirerende naam’ te bedenken voor de nieuwe, prestigieuze schuit. En die kregen ze. Bijna overweldigd door hun eigen creativiteit werden titels aangedragen als: It’s Bloody Cold Here, Usain Boat en Ice, Ice Baby. Maar de site crashte met Boaty McBoatface die, met 125.000 stemmen, de onbetwiste winnaar werd.  

Of ze soms ‘krankzinnig geworden waren’, foeterde een oud hoofd van de marine over zijn landgenoten. De man die de naam Boaty McBoatface geïntroduceerd had, bood zijn excuses aan. De minister voor wetenschappen pleitte voor begrip. De Britten snapten toch wel dat Londen met geen mogelijkheid een schip van € 260 miljoen met Boaty McBoatface in koeienletters op de zijkant, de oceanen op kon sturen.

Professoren van de NERC zijn vanmiddag in het parlement op het matje geroepen. De vaste kamercommissie van wetenschap en technologie wilde weten of de online oproep om naamsuggesties een triomf was geweest voor publiciteit voor de obscure organisatie of een ramp. En hadden ze niet beter moeten weten? Eh nee, zei professor James Wilsdon die zelf zijn stem op Boaty MacBoatface bleek te hebben uitgebracht.


Hoewel tenminste een minister vond dat de wil van het volk gerespecteerd moest worden, gaat het bewuste schip David Attenborough heten. Maar Boaty MacBoatface is niet helemaal van de kaart geveegd. Ze zal verder leven op een onderzeeër (jawel, een gele). Inmiddels is een nieuwe online petitie gestart die David Attenborough vraagt om zijn naam bij de wet te veranderen in Boaty MacBoatface. De revolutie kan niet ver weg meer zijn.

21 april 2016

Hoera, de queen is 90. En na Elizabeth de republiek!




Als er een onderwerp is waarover ik meer dan welk ander bericht heb, dan is het de Britse monarchie. Urenlang heb ik Elizabeth gevolgd. Als een stalker heb ik haar achterna gezeten en, doorgaans van de andere kant van een dranghek, bekeken en bespied. 

Ik heb gesproken met haar hofdames, paleismedewerkers (’als ze er niet is, mogen wij gebruik maken van haar zwembad’) en handschoenenmaakster. En ik heb thee gedronken in haar achtertuin (weliswaar met 7885 anderen, maar toch). Toen ik de namen van ’s lands fanatiekste monarchisten begon te kennen, meest bejaarde dames die hun heldin overal volgen, wist ik dat het tijd was af te kicken. Als het aan mijn opdrachtgevers lag was ik achter een heg van een van haar vele paleizen gaan wonen. Maar er komt een moment waarop je nog zoiets als een eigen leven wil.


Heb ik haar zien veranderen? Omdat Elizabeth de goeie gewoonte heeft (voor een onberispelijk conservatief staatshoofd) nooit interviews te geven, draait alles om de interpretatie van haar lichaamstaal. En, voor wat het waard is, ze is tegenwoordig minder sfinx-achtig, glimlacht vaker, lijkt meer ontspannen. Alles in gradaties, natuurlijk. Spontaan en goedlachs zal ze nooit worden.

En dat hoeft ook niet. De Britse vorstin is universeel bekend en geliefd en wordt als geen ander staatshoofd gerespecteerd. Elizabeth is de queen. Wij kunnen in Nederland ons eigen koningshuis hebben, wat de rest van de wereld betreft is er maar een koningin. En die zit in Londen. In eigen land is Elizabeth niet alleen het symbool van de monarchie, ze is de monarchie. Geen Britse vorstin die ouder is geworden dan Elizabeth. Niemand ook die langer op de Britse troon zat. Mensen van mijn generatie in Nederland Juliana, Beatrix en Willem-Alexander meegemaakt. Mijn Britse vrienden kennen alleen Elizabeth. Hoe lang dat zo zal blijven is de niet uitgesproken vraag. Aftreden, het A-woord, wordt binnen de paleismuren niet gebezigd. ‘Dat is net zoiets als ‘fuck’ zeggen in de kerk’, zei een paleismedewerker tegen de schrijver Stephen Bates. Uit respect voor de queen wordt de discussie over het leven na Elizabeth niet gevoerd.


Anna Whitelock, een historica in Londen, zei kortgeleden te geloven dat als de queen niet meer actief zal zijn, pakweg over een jaar of tien, vijftien, het vorstenhuis ‘op zijn laatste benen kan staan’. Tegen 2030 zouden de onderdanen het idee van een republiek ‘wel eens heel aantrekkelijk kunnen vinden’. De steun voor de monarchie, zei ze, is steun voor de queen, niet voor het instituut. De vraag over hoe relevant een koninkrijk is in een moderne samenleving, wordt niet gesteld. De discussie over wat voor land Groot Brittannië wil zijn, zal pas gevoerd worden als Elizabeth niet langer de troon bezet. Sommige Gemenebestlanden hebben dat debat al aangezwengeld.  Jamaica, Canada, Australie en Nieuw-Zeeland laten van tijd tot tijd doorschemeren het met Elizabeth voor gezien te houden. Zij zouden liever hun eigen staatshoofd kiezen, dan verder te gaan met Charles. Zeker is dat zolang de queen in Buckingham Palace zit, alles bij het oude zal blijven. Dus als de onderdanen straks roepen long live the queen, dan menen ze dat. Letterlijk. 

3 maart 2016

Liever vuil dan Clean For The Queen

Wat geef je een vrouw die alles heeft voor haar negentigste verjaardag? Een schoon land, natuurlijk! Als het aan de bedaagde, welbespraakte leden van Keep Britain Tidy en Country Life Magazine ligt, gaan een miljoen Britten dit weekeinde in het hele land winkelwagentjes uit kanalen vissen, matrassen uit voortuinen halen en heggen bevrijden van plastic tasjes. Tegen de tijd dat het Britse staatshoofd op 21 april jarig is, moet je van de M25 kunnen eten.

Afval is een probleem, vinden de Britten. 90% vindt het zelfs een ‘enorm probleem’. 
De website van Clean For The Queen spreekt van een green and pleasant land, bedolven onder ‘voedselverpakking, plastic flessen, afhaalmaaltijden en sigarettenpeuken die onze natuur, straten, platteland en gevoel van trots aantasten. Hoe beter onze dankbaarheid aan Hare Majesteit te betuigen, dan ons land schoon te maken?’  

De initiatiefnemers gaan ervan uit dat de vorstin zich ergert aan de twee en een half miljoen stuks afval die per dag worden weggegooid. Maar wie zegt dat ze zich daar zelfs maar van bewust is? Als er iemand een vertekend beeld moet hebben van de hygiënische staat van haar land, is dat Elizabeth. Overal waar ze komt zijn blinken de stoepen en ruikt het naar verf. Het is zelfs niet ondenkbaar dat het staatshoofd gelooft dat er planten in Britse toiletten groeien, zo hardnekkig  zou de gewoonte van haar gastheren zijn om voor haar bezoeken in de regio een pot azalea’s in w.c.bakken te zetten.

Indicaties zijn dat de organisatoren van de opruimcampagne het enthousiasme van de onderdanen om hun staatsvrouwe een schoon land te geven, enigszins overschat hebben. Zeker, Clean For The Queen trendde al gauw op twitter maar om de verkeerde redenen. ‘Schoonmaken voor de queen?’, was een vrij typische reactie, ‘de middeleeuwen zijn voorbij, wij zijn geen horigen’. En: ’We doen er beter aan onze democratie schoon te vegen’. 


De digitale tegenwind heeft de initiatiefnemers enkel sterker gemotiveerd. Volksvertegenwoordigers zijn geronseld over de brug te komen met een ‘nieuwe straf voor afval aso’s’. De wegwerpboete zal worden verdubbeld tot € 210 euro. Tegelijkertijd roept de campagne Britten op om ‘mensen die vuilnis weggooien daarop aan te spreken’. Dat kan best eng zijn, erkent de website. Het advies is om teksten als ‘oi mate, oprapen die troep’, achterwege te laten en te doen alsof de overtreder een vergissing begaan heeft en per ongeluk de kauwgom uit zijn mond heeft laten vallen. In cynischer delen van het land was de verontwaardiging voelbaar. ‘Wat?’, reageerde een onderdaan. ‘Moeten we elkaar er nu ook nog bijlappen?’  De verwaaide chipszakken en koffiebekers die het VK zo herkenbaar maken, zullen voorlopig wel blijven liggen.