19 juni 2012

Games Lanes


Ik maak me zorgen over road rage. Woedeuitbarstingen in het verkeer. Niet nu, maar tijdens de Olympische Spelen. Bij het diamanten jubileum van de Britse majesteit pasgeleden vielen de metro’s uit op mijn plaatselijke station. De rood-wit-blauw uitgedoste passagiers met hun maskers van Kate Middleton en paraplu’s in de stijl van de Britse vlag, moesten op andere perrons op andere (bovengrondse) treinen wachten. Treinen die zo vol zaten dat ze, toen ze eindelijk kwamen, niet eens stopten. De jubelstemming nam een graad of wat af, maar dat kan ook aan de temperatuur gelegen hebben. Er viel geen onvertogen woord en de rijen bleven keurig recht.

Ministers schijnen zich zorgen te maken over het verkeer tijdens de Olympische Spelen. Een zorg is de metro en of die de extra drie miljoen passagiers wel aan kan, maar groter nog zijn de zorgen over de Games Lanes. Deze speciale banen gaan 45 kilometer van Londens drukste wegen beslaan. Ze zijn bestemd voor de 10.000 atleten plus de 50.000 media, sponsors en verwante dienaren van het Olympische ideaal. Een beetje zoals destijds in Moskou tijdens het Sovjet tijdperk, toen de grote verkeersaders gereserveerd waren voor de ambtenaren in hun Zil auto’s. Gewone Russen werden geacht in files te zitten terwijl links en rechts de Zils voorbij raasden op lege wegen.

De Games Lanes zijn destijds bedongen door het Internationaal Olympisch Comité. Zonder die banen, geen Spelen. Het IOC wil herhaling voorkomen van de verkeersproblemen in Atlanta in 1996 toen sommige deelnemers hun wedstrijden misten. Begrijpelijk. Londenaren zullen atleten best voorrang willen verlenen. Maar de 25.000 sponsors? De mensen die van de McDonalds in het Olympisch Park de grootste ter wereld hebben gemaakt? Waarom kunnen zij niet met de metro zoals iedereen? En waarom zijn de IOC leden eigenlijk in dure hotels ondergebracht in de West End, 13 kilometer van het Olympisch Park?

Ministers maken zich zorgen omdat Londen geen Moskou is. Bovendien: uren in de regen wachten om het Britse staatshoofd te zien, is nog tot daaraan toe. Maar of dat geduld opgebracht gaat worden voor de marketing managers van Heineken?

11 april 2012

Nederland-Engeland. Omgekeerde wereld.

Toen ik in Londen ging wonen, was prins Charles vrijgezel en had Engeland nog een koolmijnindustrie. Van Harry Potter had zelfs JK Rowling niet gehoord. Eind jaren zestig was Londen swingend geweest. Wat het eind jaren zeventig was weet ik niet, maar de rek was eruit. Het zag eruit zoals ik me Nederland net na de Tweede Wereldoorlog voorstelde. Grauw, inefficiënt en ouderwets. Alsof het hele land op de bon was. Of, zoals de Amerikaanse comédienne Bette Midler het typeerde: 'Als het in New York twee uur ’s middags is, is het in Engeland 1956'. Filterkoffie bestond niet, terrasjes evenmin, centrale verwarming was een overbodige luxe en de vloeren van wc’s waren bekleed met bloemrijk tapijt.

Samenleving en politiek in Groot-Brittannië waren ongekend verdeeld. Je was Labour of Conservatief, republikein of monarchist, Manchester United of Manchester City. Consensus was een scheldwoord. Coalitieregeringen waren voor buitenlanders. Op straat waren er voortdurend spanningen tussen zwarte jongeren en de politie.
In Notting Hill, waar ik een jaar stage liep als jammerlijk falend welzijnswerker, waren nog niet zo lang geleden de bordjes verdwenen met 'Kamers te huur, geen Ieren, geen honden, geen zwarten'. Een van mijn eerste klussen als correspondent was het verslaan van de rassenrellen begin jaren tachtig in Brixton.

Nee, dan wij Nederlanders. Niet alleen betaalden wij onze elektriciteitsrekeningen met een giro in plaats van muntjes in een meter te gooien als de televisie langzamer ging praten, maar wij waren op alle gebied eigentijdser en opener. En zeker een stuk minder navelstaarderig dan het Britse eilandras. We hechtten aan spreidingsbeleid en integratie, zaken waar de Britten nog van konden leren, mochten ze daar behoefte aan hebben. Wat niet het geval was.
Koffie verslaat theeOver kentering gesproken. Dertig jaar later hebben Engelse badkamers betegelde vloeren en als je koffie bestelt kun je kiezen uit de omvang van de beker, het soort bonen en het vetgehalte van de melk. Sterker: de Britten drinken sinds kort meer koffie dan thee. Ze zien er ook anders uit. Minder roze, meer beige.

Nergens zijn de veranderingen dramatischer dan in Londen. De stad oogt rijker, lichter, schoner en zelfs glamourous. Londen is niet alleen internationaler, het is ’s werelds multiculturele hoofdstad. Noem het Moskou aan de Theems, noem het Londonistan. Nergens ter wereld kom je een grotere etnische diversiteit tegen.

De Britse hoofdstad heeft de functie die New York en Boston een eeuw geleden hadden. 40% van alle Londenaren is in het buitenland geboren. De middenstand is grotendeels in handen van Aziaten. Zonder Oost-Europeanen zou de horeca instorten. De helft van alle dokters die in Londen werkt, is buitenlands.

Een paar weken geleden was er op een Nederlandse zender, ik ben vergeten welke, een pretprogramma. De tribune in de studio zat vol joligheid, van boven tot onder gekleed in oranje. Er zat niet één niet-wit gezicht tussen. Wat ouderwets, dacht ik. Zoiets zie je op de Britse tv al lang niet meer.

Wat je in Engeland ook nauwelijks hebt is een discussie over hoofddoekjes. Ze worden gewoon gedragen. In Amsterdam wordt mijn studerende zoon die erg zijn best doet Nederlands te praten, regelmatig geattendeerd op zijn 'Poolse' accent. Ik kan me niet herinneren ooit iets badinerends over mijn Nederlandse accent gehoord te hebben. Misschien omdat praktisch iedereen in Londen een accent heeft. Of misschien gebeurt het achter mijn rug.

Ik geloof niet dat Britten toleranter zijn dan Nederlanders. Maar terwijl wij vasthouden aan gedateerde begrippen als negerzoenen en zwarte pieten omdat die essentieel onderdeel zouden zijn van onze nationale identiteit, zijn aan gene zijde van Het Kanaal de marmeladepotjes met gollywogs, de sterotype negerafbeeldingen, geruisloos afgevoerd. 'Zo aanstootgevend', zei het bedrijf dat de etiketten maakte. Een meldpunt voor Oost-Europeanen zie ik hier ook niet snel ingevoerd worden.

'Ik wil nooit meer in Nederland wonen', zei laatst een Engelse die er drie jaar gewoond had. Toen ze pas naar Harmelen verhuisd was en voor het eerst boodschappen ging doen, had een vrouw haar op de schouders getikt, op haar hakken gewezen en gezegd: 'nee, nee, veel te hoog'. Het is een van die grote verschillen. Engelsen bemoeien zich niet met je. En in Londen al helemaal niet. Live and let live.

De stad draait op vreedzame co-existentie van aparte gemeenschappen. Er is een vage belangstelling voor elkaars gewoonten en een zekere economische kruisbestuiving, maar er is geen hecht, onderling contact. 'In Londen', schreef de Guardian ooit, 'leeft men prettig langs elkaar heen'. En als dat, zoals de krant dacht, in multicultureel Europa misschien wel de hoogste vorm van beschaving is, dan vraag je je toch af hoe je anno 2012 Nederland moet typeren.

22 maart 2012

Toeristische route: de Londense ringweg

Wie, vroeg een Engels busbedrijf zich enkele maanden geleden af, zou er 18 euro 50 neertellen voor een rondrit op de Londense ringweg? Antwoord: meer dan genoeg. De M25, volgens peilingen de meest gehate snelweg van het land, is Engelands jongste toeristenattractie. De wens om vier uur (files niet meegerekend) op een cirkelvormige achtbaan te zitten is zo groot dat het busbedrijf Brighton & Hove extra reizen heeft ingelast. Ik kan nog net met de eerste rit mee.

Informatief is het zeker. Dankzij reisgids Nigel Pullen horen we hoe lang de rondweg is (156 kilometer), hoeveel wegrestaurants er zijn (niet genoeg) en dat Reigate Hill met zijn duizelingwekkende hoogte van 220 meter het hoogste punt is. 'Zuurstofmaskers zitten in de ruimte boven uw hoofd', grapt Nigel. De stemming zit er goed in. Niemand lijkt meer verbaasd dan de passagiers zelf zich voor deze rit te hebben opgegeven. De bus galmt van een: 'kijk ons Engelsen nou weer eens absurd zijn'.

'En links', zegt Nigel, 'het afvalverwerkend bedrijf van Colnbrook'. 'Fascinerend', zegt de 45-jarige Julie Hayes in de stoel voor mij sarcastisch. Haar vriend, militair James Smith, had haar maanden geleden een dagje uit beloofd. 'Hij wilde niks kwijt, want het moest een verrassing zijn', zegt Julie. 'Ik wist alleen dat het niets te maken had met paarden, dolfijnen of molens. En dat een helm niet nodig was en een paspoort ook niet'. En hoe vindt ze het? 'Ik ben sprakeloos'. 'En dat voor het eerst sinds ik haar ken', zegt James tevreden.

'Rechts wordt gebouwd aan Europa's meest milieuvriendelijke wegrestaurant', zegt Nigel. 'Het gaat in juni open'. 'Geweldig', zegt een man achter me. 'Dat wordt ons volgende uitje'. Twee uur later en tenminste een passagier begint voorzichtig aan zijn sudoku.
Wisten we, wil Nigel weten, dat we voorbij de langste betonnen vangrail van het land rijden?' Maar niets verbaast ons meer. Zelfs niet dat een Brit er zijn levenswerk van gemaakt heeft om alle betonnen vangralsen in het hele land te meten en te registreren. 'U kunt het nazoeken op zijn website'. Natuurlijk, denk je, is er een website van betonnen vangrailsen in Groot Brittannie. En het gegeven dat de vangrailsfanaat vroeger een busspotter was hadden we zelf kunnen bedenken.

Bij het wegrestaurant van South Mimms ('Robbie Williams heeft hier gezongen'), is het tijd voor lunch. Het idee de M25 te exploiteren als toeristische route is van Simon Ashcroft. Als dagtriporganisator voor het busbedrijf was hem opgevallen dat veel mensen niets liever doen dan zich laten vervoeren 'van A naar A'. 'En de M25 is de essentie van doelloos rondrijden'.

'Blij dat u teruggekomen bent', stelt Nigel vast als we weer instappen. Er zijn plannen om bij de volgende rit een quiz in te lassen. Met een fles champagne voor de winnaar. 'Zou u dit nog een keer doen?', vraag ik aan een passagier. 'Zeker', zegt hij, 'maar dan tegen de klok in'.

1 maart 2012

Als prins Friso Prince Freddy geheten had

Zou prins Friso in Engeland geboren zijn, dan is de kans groot dat foto's van hem, gelegen in een ziekenhuisbed in Innsbruck, weken geleden al in een of andere Britse tabloid gepubliceerd zouden zijn. Ongetwijfeld onder de lawaaiierige kop World Exclusive. Een fotograaf van de krant zou die prestatie geleverd hebben met behulp van een cheque, een vals identiteitsbewijs en geleende verpleegkundige-uitrusting. Vergelijkbaar met verslaggever Mazher 'the fake sheikh' Mahmood, die jarenlang met verborgen microfoons en camera's gebouwen binnendrong waar hij niet in mocht, ter meerdere erie en glorie van de inmiddels overleden News of the World. En van Het Nationaal Belang, natuurlijk. Hij zou er daarna in zijn memoires over schrijven in een stijl die sterk deed denken aan die van Ian Fleming.

Pogingen van de majesteit om af en toe met haar schoondochter een geheime ziekenhuisuitgang te nemen zouden niet gewerkt hebben. Iedere keer weer zou blijken dat agenten paparazzi getipt hadden over aankomst- en vertrektijd van de bezoekende royals. Een beetje zoals agenten van de Met, het Londens politiekorps, journalisten inseinden over wanneer welke Bekende Britten waar te vinden waren. En die dat overigens niet voor niets deden. Er heerste bij de Sun, hoorde de rechter die in Londen het onderzoek leidt naar politiecoruptie deze week, 'een cultuur van illegale betalingen' in ruil voor informatie. Trouwens, ambtenaren in 'alle' overheidsfunkties, leger, gezondheidszorg, regering zouden op de loonlijst van de Sun staan. En daar zou geen smeekbede om privacy tegenop gewassen zijn.

Communicatie tussen de familieleden van Prince Freddy zou lastig geweest zijn. Britse schandaalkranten betaalden tonnen aan particuliere detectives voor het hacken in voice mails van tenminste 6000 burgers. Ook koninklijke. Vraag maar aan de prinsen William en Harry.

Maar het meest opzienbarend zou misschien wel het interview geweest zijn met de moeder van de echtgenote van Prince Freddy. Zij zou, na veel telefoontjes, pleidooien en pesterijen door de knieen gegaan zijn en tegen een verslaggever gepraat hebben over de gemoedstoestand van haar dochter. Waarbij de krant haar wist te ontfutselen dat ze zelf tobde met depressies en jaren geleden geprobeerd had zelfmoord te plegen. En zo zou iets wat alleen in hele kleine kring bekend was, op straat komen liggen. Precies wat de moeder van zangeres Charlotte Church overkwam.

Ander land, andere tijden en gelukkig voor de Oranjes, andere pers.